Jezus' priesterlijk gebed (Joh. 17) neemt de structuur van het joodse feest van verzoening over. Hij, priester en offer, bidt eerst voor zichzelf, dan voor de apostelen en dan voor allen die in Hem geloven (Joh. 17,20).
Het is niet verrassend dat het hegint met: Vader, het uur is gekomen. Verheerlijk uw Zoon, opdat de Zoon U verheerlijke (Joh. 17,1). De verheerlijking die Jezus als hogepriester afsmeekt voor zichzelf, spiegelt zich in volle gehoorzaamheid aan de Vader en brengt Hem in de volledigste omstandigheid van zijn zoon-zijn: Gij, Vader, verheerlijk Mij thans bij Uzelf en geeft Mij de heerlijkheid, die Ik bij U had eer de wereld bestond (Joh. 17,5). Deze bereidheid en dit verzoek kenmerken het eerste handelen van Jezus' nieuwe priesterschap. Dat betekent een volledig zichzelf geven op het kruis. In deze hoogste daad van liefde wordt Hij verheerlijkt, want liefde is ware, goddelijke verheerlijking.
Daarna begint Jezus' voorspreken voor zijn leerlingen: Ik heb uw Naam geopenbaard aan de mensen die Gij Mij uit de wereld gegeven hebt. U behoorden ze toe; Mij hebt Gij ze gegeven en zij hebben uw woord onderhouden (Joh. 17,6). Gods naam openbaren aan mensen, is het verwerkelijken van een nieuwe aanwezigheid van de Vader te midden van het volk; deze wordt werkelijkheid in Jezus.
Centraal in dit bidden voor zijn leerlingen staat het verzoek om toewijding: Zij zijn niet van de wereld, zoals Ik niet van de wereld ben. Wijd hen U toe in de waarheid. Uw woord is waarheid. Zoals Gij Mij in de wereld gezonden hebt, zo zend Ik hen in de wereld, en omwille van hen wijd Ik Mij aan U, opdat ook zij in waarheid aan U toegewijd mogen zijn (Joh. 17,16 – 19). Toewijden betekent in dit geval de werkelijkheid van een persoon of zaak overbrengen naar God. Toegewijd is al wie net als Jezus van de wereld is afgescheiden en helemaal beschikbaar is voor God, dus voor allen.
Ten derde bidt Jezus bij de Vader voor allen die in Hem geloven: Niet voor hen alleen bid Ik, maar ook voor hen die door hun woord in Mij geloven. Jezus bidt voor de Kerk van alle tijden, dus ook voor ons (Joh. 17,20). Jezus heeft alles van het werk van de Vader verwezenlijkt en zijn gebed strekt zich, net zo goed als zijn offer, uit tot aan de voltooiing van de tijd. Het gebed van het Uur vervult de eindtijd en brengt die tot voltooiing (KKK, 2749).
Centraal in Jezus' priesterlijk gebed staat de toekomstige eenheid van allen die in Hem geloven. Deze is uitsluitend af te leiden uit de goddelijke eenheid en komt tot ons van de Vader, door de Zoon, in de Heilige Geest. Jezus smeekt om een hemelse gave met concrete uitwerking op aarde: opdat zij allen één mogen zijn zoals Gij, Vader, in Mij en Ik in U; dat ook zij in Ons mogen zijn opdat de wereld gelove, dat Gij Mij gezonden hebt (Joh. 17,21).
Jezus' priesterlijk gebed
door Sef Adams
Tijdens de audiëntie van 25 januari sprak paus Benedictus XVI over het priesterlijk gebed van Jezus tijdens het Laatste Avondmaal.
27 januari 2012





door FreeAsiaBiBi (FreeAsiaBiBi) dinsdag 21 februari 2012
RT @KNieuwsblad: Verdachte aanslag Bhatti vrijgesproken http://t.co/f1BipzpE
door MJRLdeGraaff (Marcel de Graaff) dinsdag 21 februari 2012
RT @KNieuwsblad: Europees Hof veroordeelt Turkije http://t.co/AFkFiaRf
door RemcovMulligen (Remco van Mulligen) dinsdag 21 februari 2012
Zo, even @KNieuwsblad-redacteur Pascal wat leesvoer gegeven mbt de "katholiekendiscussie" in de ChristenUnie. ;)
Zie mij op Facebook!